Veel gestelde vragen

Training

Wanneer start de volgende puppycursus / groep?
Iedere maand start er een cursus. Vind u dat het te lang duurt, dan zou u in kunnen stromen, er zijn geen wachttijden. Wij vinden het belangrijk dat u direct kunt starten met uw pup in plaats van een paar weken te moeten wachten tot de volgende groep begint.

Waarom belonen jullie niet tijdens de cursus?
Er wordt naast sturing geven, ook beloont. Maar de beloning is niet altijd in de vorm van hondenkoekjes.
Kijk waar uw hond het beste op reageert. Gebruik uw stem, een aai, een speeltje of een snoepje als beloning om aan te geven dat de hond iets deed wat de bedoeling was. Wij kijken naar hoe honden met elkaar omgaan, deze belonen niet met voedsel of speeltjes. Beloning bij honden onderling is het erbij mogen horen, samen dingen ondernemen, als jagen, spelen, samen in de schaduw liggen etc.. Geen correctie = beloning.  Uw ontspannen trotse houding ziet de hond als beloning.
Dat u samen met de hond iets onderneemt, daaronder valt ook de cursus, is voor de hond een beloning. Hoe meer energie u steekt in samen met de hond dingen te doen hoe beter de samenwerking tussen u en de hond wordt. Om dingen aan te leren kun je versterken door te belonen met iets wat de hond stimuleert om een oefening te herhalen, dat kan meer zijn dan een hondenkoekje. Sommige honden doen alles voor een snoepje, anderen liever voor een bal of speeltje, anderen liever voor aandacht. Wij leren u om op het juiste moment te belonen om te voorkomen dat u door onbewust op een verkeerd moment te belonen juist verkeerd gedrag aan leert. Soms is het dan beter om niet te belonen dan bijvoorbeeld een hond die staat te springen van enthousiasme te belonen voor het gedrag wat deze op dat moment vertoond. U beloont immers het gedrag van het moment, niet alleen omdat de hond b.v. over de hindernis sprong of netjes bleef wachten, maar ook hoe hij de oefening beëindigd. Zodra de hond een oefening heel leuk vind, is de oefening op zich al een beloning. Enthousiast ‘goed zo’ zeggen is dan al voldoende. Er wordt bij de cursussen dus wel beloont, maar de honden worden niet voor alles volgepropt met snoepjes. Het is niet de bedoeling dat de hond zich focust op een beloning, maar op de baas. Er zijn honden die alles doen voor een snoepje, maar zonder snoepje niets doen. Als je de hond leert om de opdracht voor de baas te doen, doet hij het altijd. Ook als je geen beloning bij je hebt. Daarbij richten wij ons op het karakter van de hond. De ene hond heeft meer baat bij directe leiding, de andere hond is meer gebaat bij een zachtere aanpak met aanmoediging en beloning. 

Welke methode hanteren jullie?
Wij noemen onze methode wel de ‘hondenmethode’, omdat we vooral kijken naar hoe honden onderling dingen aanpakken. We maken veel gebruik van hondentaal. Daarnaast proberen we de hond een beetje ‘mensentaal’ te leren door woorden te koppelen aan handelingen.
Een pup zal het niet begrijpen als u ‘zit’ zegt en hem niet geleerd is wat u met die klanken bedoelt.
De moederhond hanteert handelingen als ze iets van de pup wil. De moeder duwt op de achterkant van de pup als ze wil dat deze gaat zitten. De pup gaat uit een reflex zitten wanneer u zachtjes de platte hand op de achterkant legt. Ook voor staan is de reflex in de lies, waar de moeder met haar neus zachtjes duwde en de pup ging staan zodat moeder het daar kon wassen. Als het verzet komt, accepteert de hond uw handeling niet en u dus niet als baas. De moederhond zou de pup beetpakken en dwingen te gaan liggen om het te kunnen wassen. Haar overheersing wordt geaccepteerd en de pup ligt stil en laat zich alle kanten oprollen door de moeder, zodat ze haar taak, het wassen van de pup, kan uitvoeren. Als wij mensen de pup dwingen om stil te liggen, wordt dat vaak als ‘zielig’ ervaren en de mens zou niets mogen ‘afdwingen’ bij de pup. De hondenwereld is vaak keihard, maar duidelijk! De mensenwereld is vaak te soft en voor de hond onduidelijk waardoor de hond onzeker wordt en probleemgedrag ontstaat.
We starten met lichamelijke handelingen en koppelen daar de woorden aan, zodat de pup begrijpt wat je bedoelt en het dan ook op ‘commando’ gaat doen. Daarnaast hebben wij allerlei denkwijzes en methodes bestudeerd en gelezen met alle ervaring in ons achterhoofd. En volgen ontwikkelingen, hoewel we het nut van sommige studies of de wijze waarop het wordt uitgevoerd niet zien en er dan ook weinig waarde aan hechten. Nog steeds wordt geroepen dat de ‘dominantie theorie’ ouderwets is en ‘bewezen niet te bestaan’, maar heel weinig mensen geven toe dat er na nader onderzoek juist is bewezen dat de ‘dominantie theorie’ , de regels onderling, zoals bijvoorbeeld de pikorde bij kippen, bij honden wel degelijk bestaat. Het bestuderen van een stabiele roedel honden, waar ook nog af en toe een nestje pups in opgroeide, zegt ons meer dan alle theorieën bij elkaar. Dat er wel degelijk regels en rangen zijn in een groep honden. En dat er gecorrigeerd wordt, jonge pups worden gestuurd, pups van rond de 9 weken, die de regels zouden moeten kennen, krijgen een correctie als ze tegen die regels in gaan. ( correctie = sturing, soms een grom, blaf maar vaak ook een beet!) Zelf een klein schattig kuikentje krijgt van de moederkloek een pik wanneer deze als eerste de voerbak in duikt. De eerste hap is voor de hoogste kip, dan mogen de kuikens ook een graantje mee pikken. In elke vorm van een groep, bij dieren, maar ook bij mensen, is er iemand die boven alles staat. Zonder duidelijke taakverdeling is samenwerking immers niet mogelijk! De taakverdeling gaat naar leeftijd, ervaring, karakter en dat waar je goed in bent. En acceptatie van die plaats in de groep en de leiding. Zodra er iemand in de groep de leiding of zijn plek niet accepteert, komt er ‘muiterij’ en komt er onrust in de groep. Vaak wordt dan de ‘muiter’ of de leider verstoten.

Door de lange ervaring kunnen we al bij een bepaald type hond aangeven wat het beste zal werken. Soms passen we een aanpak deels aan, omdat  een andere manier van werken met die hond wellicht beter werkt. We hebben een basis, maar de uitvoering kan per hond iets verschillen, omdat alle honden, alle bazen en elke situatie nu eenmaal anders is. Wij geloven dan ook niet in één standaard methode. Geen hond of situatie is hetzelfde, waarom zou je dan met één standaard methode alle honden en situaties op dezelfde manier benaderen?

Jullie zijn wel erg streng en hard voor de honden

Vroeger waren ‘ouders streng’, de ‘leraar was streng’ en je kreeg een tik op de vingers of een draai om je oren wanneer je niet luisterde. Er is een tijd geweest waarbij men dacht dat kinderen alles maar zelf moesten uit zoeken en leren door ervaring, de ‘vrije opvoeding’. Daar weten de meeste mensen wel de gevolgen van. Daar is men toch weer van terug gekomen. Gebleken is dat kinderen wel degelijk behoefte hebben aan grenzen en regels. Het overtreden van die grenzen en regels, doen zij om de grenzen te verkennen, te kijken of  moeder echt wel boos wordt als je een half uurtje later thuis komt. En dat ze dat juist doen om duidelijkheid te krijgen. Bij kinderen komt er dan nog bij dat je op en gegeven moment afspraken kunt maken, kunt onderhandelen. Een kind kun je uitleggen dat het thuis niet op de bank mag springen, maar bij bijvoorbeeld oma wel. Dat er op school misschien andere regels zijn dan thuis. Toch zijn er basis overeenkomsten met de opvoeding van honden. Honden willen duidelijkheid, weten welke plaats ze innemen in de roedel. Wat er van hen verwacht wordt. Bij kinderen zijn er ook systemen, die bij dat kind passen. Bij het ene kind werkt het goed om bij alles een compliment te geven. Een ander kind geloofd het niet meer na verloop van tijd, omdat de complimentjes niet meer zodanig over komen, maar eerder een soort ‘moeten’ , maar het werkt niet meer. Er zijn kinderen die je bij elke taak wat ze goed doen, een sticker krijgen en na een aantal stickers is er iets in het vooruitzicht (een beloning). Bij andere kinderen werkt het beter om regelmatig aan te geven dat hun gedrag niet geaccepteerd wordt en deze zien dan misschien vaker het ‘time-out hoekje’ dan een beloning. Tot ze er van geleerd hebben en het lieve kindjes zijn geworden die weten wat er van ze verwacht wordt en ze ook gezellig uit kunnen kijken naar beloningen.

Zo is het ook met honden! ‘Men’ is van het ene uiterste (keihard corrigeren) naar het ver tegenovergestelde doorgeslagen. Waarbij alles moet zoals de hond het wil. Je niets tegen de zin van de hond in mag doen. Je de hond niet mag ‘onderdrukken’  en waarbij alles wat je zou doen om een gedrag om te zetten, zielig is. ‘Men’ denkt dat alles op te lossen is door er maar zoveel mogelijk lekkers in te stoppen (vandaar al die honden met obesitas!) en alleen maar liefde te geven. Maar wanneer deze mensen een hond treffen, die een wat moeilijker karakter heeft, die juist schreeuwt om regels en grenzen, ontstaan er gedragsproblemen waar ze geen raad mee weten. Als er dan advies gegeven wordt om toch wat duidelijker te zijn, om grenzen aan te geven, dan vindt men dat doorgaans erg moeilijk.
Toch is het veel mensen duidelijk geworden dat, wanneer de mens zijn gedrag naar en omgang met de hond veranderd, het gedrag van de hond ook veranderd/verbeterd.
Wat veel mensen ‘streng’ of ‘hard’ noemen, is niets meer dan opvoeden. Waarbij sommige honden een wat meer duidelijke (zogenaamd ‘hardere’) aanpak nodig hebben.
Honden hebben nu eenmaal duidelijkheid nodig, grenzen, ook leren wat niet mag! Het eerste wat een pup leert in de roedel, is waar de grenzen liggen!
De aanpak verschild per hond. Waar de ene hond een z.g.n. ‘harde aanpak’ nodig heeft, zou dat bij een andere hond funest zijn. Duidelijkheid, grenzen aangeven is één ding, de aanpak verschild dus per hond. Een onzekere, gevoelige hond heeft wel degelijk baat bij grenzen en regels, maar ook veel meer stimulatie en beloning en een rustige aanpak.
Het beeld wat men over onze manier van trainen heeft, is misschien gebaseerd op uitspraken van concullega’s, mensen die vinden dat alles alleen maar positief opgelost moet worden, maar wanneer dit niet lukt, een hond opgeven. Of mensen die het ‘zielig’ vonden om het kleine pupje (dat misschien al in de handen beet!), duidelijkheid te geven.
Of wat men eens, als voorbijganger, gezien heeft tijdens een les, maar niet wist waarom, ook niet om uitleg kwam vragen, maar de eigen mening tot een oordeel liet komen.
Wanneer iemand het ‘zielig’ vindt wanneer ze bijvoorbeeld ziet hoe honden speurwerk doen/aanleren en na uitleg nog niet wil begrijpen dat een werkhond plezier heeft in het werken met de baas. En denkt/concludeert dat de pups zo ook getraind worden. En dan háár visie over het geheel gaat rond vertellen, dan komen er praatjes in de wereld die niet kloppen. Daarom is ons advies, kom gewoon eens kijken bij een les. We leggen u graag uit hoe het werkt.